Over gemis en gras

Over Gemis & Gras

‘Wat,’ zei de man op een doordeweekse zonnige zomermiddag, ‘mis je nu het meest? Je bent nu meer dan een jaar weduwe, jou kennende zal je ongetwijfeld de balans opgemaakt hebben.’
De vrouw dacht na. Sinds hij weg was, was haar leven ontegenzeggelijk anders, maar wat miste ze nu precies?
‘Er zijn genoeg dingen die ik mis,’ zei ze zachtjes. ‘Maar of ik jou nog mis? Gek genoeg weet ik dat niet. Ik weet wel dat ik je waanzinnig heb gemist terwijl je er nog was. De échte jij was langzaam aan het verdwijnen. Er is een periode geweest van enorm veel verdriet en radeloosheid. Ik realiseerde me dat ik mijn man kwijt was, maar ook mijn vriend. Iemand bij wie ik altijd terecht kon, die me altijd opving, die dag en nacht voor me klaarstond. Iemand die, wat voor vraag ik ook stelde, overal het antwoord op wist, die me altijd wilde behoeden en beschermen, die onvoorwaardelijk voor me koos. Waar het op neerkomt: ik heb je jarenlang gemist, zelfs toen je er nog was. De ontdekking dat je weg was, dat de echte jij weg was, was zó’n enorme klap voor me, dat ik me geen raad wist. Ik kreeg op een dag zelfs een enorme paniekaanval, weet je nog? Ik had nog nooit zoiets meegemaakt, ik was ervan overtuigd dat ik doodging. De weken daarna voelde ik me nog steeds heel raar en onecht en ik dacht: hoe moet het met jou en pa als ik als eerste het loodje leg? God, wat een stress kan een mens toch hebben.’

De man lachte. ‘Je maakte het jezelf misschien onnodig moeilijk, zou dat kunnen?’
De vrouw schudde haar hoofd. ‘Nee. Ja. Ik weet het niet. Ik weet alleen dat ik dacht dat het anders zou gaan met jou. Ik vond je een soort Marlboro-man. Je was altijd heel stoer. Ik dacht vroeger: als je ooit gaat, dan is het bij een auto-ongeluk, omdat je te hard rijdt. Dat paste bij je. Dit geëtter, waar je mee te maken kreeg, paste niet bij je.’
‘Hou op,’ zei de man, ‘dat was gruwelijk. Dat paste inderdaad niet bij me. Dat gras wordt nu trouwens écht bruin zie ik,’ zei hij. Hij zweeg even en inspecteerde de grasmat. ‘Zit er überhaupt nog wel gras?,’ vroeg hij, en het klonk als een gesmoorde kreet. ‘O Mijn God. Dit is alleen maar mos! Je hebt die hele grasmat verwaarloosd! Hoe kon je dit laten gebeuren?’
‘Tja,’ zei de vrouw. ‘Ik heb nou eenmaal niet van die groene vingers, dat weet je. Je had dit kunnen voorkomen trouwens.’
‘Hoe???’ zei de man, en weer klonk het als een ongelovige kreet.
‘Door te blijven,’ zei de vrouw en de man werd kalm. ‘Ik had er heel wat voorover gehad om 100 te worden naast jou,’ zei hij. ‘Kon dat maar. Maar ik ben ongelooflijk dankbaar voor de 27 jaar samen.’
‘Ik ook,’ zei de vrouw, en haar ogen werden vochtig.

‘Traantjes?’ glimlachte de man lief.
‘Sommige dagen overvalt het me ineens,’ zei de vrouw. ‘Het was laatst 21 jaar geleden dat we in dit huis gingen wonen. Samen aan ons avontuur in Harlingen begonnen. Het leek alsof de hele wereld voor ons open lag. Soms kan ik maar moeilijk bevatten dat het allemaal achter de rug is. Voor mijn gevoel moet het allemaal nog steeds beginnen.’
‘Voor jou is het avontuur nog niet afgelopen,’ zei de man. ‘Je kunt nog zoveel genieten, zoveel doen: doe het. Geniet, doe, leef. Ik blijf het zeggen.’

De vrouw dacht even na. Toen knikte ze. Ze stak haar hand uit naar een onzichtbare verte. Eén tel voelde het alsof zijn vingers de hare pakten, maar het was de wind die langs haar hand streek.
Ze glimlachte, aaide over haar vingers en stond op.
Er viel nog een leven te leven.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Archieven

Website laten maken?

De Rebelse Huisvrouw