Zolang je blijft denken is er niks aan de hand!

Dat Denk Je Maar
Hij las het, lachte zacht, schudde zijn hoofd en streek een pluk haar achter haar oor. Zo bleven ze even zitten, totdat zijn telefoon ging en hij geërgerd zuchtte. ‘Werk, vriendinnetje,’ hoorde ze hem zeggen. Hij had een prachtige stem – warm en donker, het soort stem waar je uren naar kon luisteren.
